< Alle onderwerpen

Financiering

Gearing – Het gebruik van geleend kapitaal (schuld) om de terugkeer van een investering te verhogen. Hoge gearing kan de risico’s verhogen, maar ook de potentieel te behalen rendementen.

Equity – Het verschil tussen de waarde van een onroerend goed en de schuld die nog verschuldigd is op enige hypotheken of leningen beveiligd tegen het onroerend goed.

Negative Equity – Een situatie waarin de waarde van een huis lager is dan de uitstaande hypotheekschuld.

Yield – De jaarlijkse inkomsten uit een investering uitgedrukt als percentage van het geïnvesteerde kapitaal. Bij vastgoed wordt dit vaak berekend door de jaarhuur te delen door de waarde van het pand.

Gross Yield – Het totale jaarlijkse huurinkomen uit een eigendom als percentage van de aankoopprijs of de waarde van het eigendom, voor aftrek van uitgaven.

Net Yield – Dit is vergelijkbaar met bruto yield, maar houdt rekening met operationele kosten zoals onderhoud, beheer en servicekosten.

Fixed-rate Mortgage – Een hypotheek met een rentevoet die voor een bepaalde periode vaststaat, ongeacht veranderingen in de marktrente.

BAR (Bruto Aanvangsrendement) – Het bruto rendement op een vastgoedinvestering bij aanvang, berekend door de jaarlijkse huurinkomsten te delen door de totale investeringskosten.

NAR (Netto Aanvangsrendement) – Het netto rendement bij aanvang, waarbij rekening wordt gehouden met de operationele kosten, door de netto huurinkomsten te delen door de totale investeringskosten.

Compound Interest (Rente-op-rente) – Een financieel concept waarbij de rente die wordt verdiend op een investering op zijn beurt weer rente verdient, wat resulteert in een exponentiële groei over tijd.

VON (Vrij Op Naam) – De aankoopprijs van het vastgoed is inclusief de overdrachtsbelasting en notariskosten, zodat de koper niet voor verrassingen komt te staan.

KK (Kosten Koper) – Duidt aan dat er bovenop de koopsom van de woning nog bijkomende kosten zijn, zoals overdrachtsbelasting en notariskosten.

Ground Rent – De vergoeding die betaald wordt door een leasehouder aan de grondeigenaar voor het gebruik van de grond.

OPM (Other People’s Money) – Het concept van het investeren met geld van anderen, zoals het nemen van een hypotheek of andere financieringsvormen, om zo het eigen kapitaal te vermeerderen.

Assured Shorthold Tenancy (AST) – De meest gangbare vorm van een huurovereenkomst in Engeland en Wales, die een huurder en verhuurder zekerheid biedt.

Service Charge – De kosten die door leasehouders worden betaald voor het onderhoud van de gemeenschappelijke delen van een gebouw.

Onafhankelijk financieel adviseur – is een professional die financieel advies verstrekt aan individuen en bedrijven zonder gebonden te zijn aan specifieke financiële instellingen of producten. Dit betekent dat zij objectief advies kunnen geven dat het beste aansluit bij de financiële behoeften en doelen van hun klanten, los van eventuele belangenconflicten.

Loan to value (LTV) – is een financiële term die wordt gebruikt in de context van lenen en leningen, specifiek met betrekking tot vastgoedtransacties. LTV verwijst naar de verhouding tussen het bedrag dat wordt geleend voor een hypotheek (de lening) in vergelijking met de getaxeerde waarde van het onroerend goed dat wordt gekocht of gebruikt als onderpand voor de lening (de waarde).

Is de informatie in dit artikel nuttig?
0 van de 5 sterren
5 Sterren 0%
4 Sterren 0%
3 Sterren 0%
2 Sterren 0%
1 Sterren 0%
5
Deel uw feedback
Hoe kunnen we dit artikel verbeteren?
Inhoudsopgave